mannenbond

Welkom

Uw vrucht wordt uit Mij gevonden.

(Hosea 14-9)

Als in de mens wat goeds voor de Heere gevonden wordt, moeten wij niet hier beneden, maar boven, niet in de tijd, maar in de eeuwigheid zijn. Gods kerk komt voort uit het eeuwig soeverein welbehagen. God verkiest de Zijnen om Zijns zelfs wil. Hij is de grote pottenbakker, die het ene vat maakt ter ere en het andere ter onere. God is Zijn volk nooit kwijt geweest. Het ligt in Zijn Vaderhart.

Hij heeft het eeuwig lief. Daarom komt Hij het in de tijd te trekken, te wederbaren, te bekeren en te begiftigen met het ware geloof. Gods kerk komt uit de eeuwigheid en gaat door de tijd naar de eeuwigheid. Het is daarom dat de triomferende kerk zal aanheffen: Door U, door U alleen om het eeuwig welbehagen. Gewis, als er wat goeds in de mens gevonden wordt is dat ondanks hemzelf en tegen hemzelf.

De mens kiest een weg, die hem recht schijnt; maar het laatste van die, zijn wegen des doods. Gelukkig zijn zij, die door Gods geest en Woord onwederstandelijk geroepen worden. Zij kunnen niet meer voortgaan in hunzelf gekozen wegen. Zij hechten geloof aan de prediking van Johannes de Doper: En ook alrede is de bijl aan de wortel der boom gelegd; alle boom dan, die geen goede vrucht voortbrengt wordt uit gehouwen en in het vuur geworpen. Zij zien de werkelijkheid van het leven. Zij liggen onder het oordeel des doods. Zij moeten sterven en kunnen niet sterven. Zulke mensen kunnen het in de zonde- en werelddienst niet meer uithouden. In het verborgene roepen zij tot God. Wat kunnen zij in verwondering wegzinken, als zij Gods goedheid over hen gewaarworden.

Wat wordt hun hart vertederd onder de blijken van Zijn Goddelijk liefde. Wie zal onder woorden brengen, welke zaligheid hun zielen ervaren, als Christus hen ontdekt wordt als Borg en Middelaar. Een afhankelijk leven komt openbaar, met vele uitreddingen, gebedsverhoringen en onderwijzingen.

Nu moeten wij oppassen, dat wij niet alles voor vrucht van het geestelijk leven aanzien. Er zijn ook veel bladeren bij. Er is een volk, dat moet inleven, dat zij alleen bladeren hebben en geen vrucht.

Voor hen wordt de geschiedenis van de vijgenboom werkelijkheid. De Heere ging naar hem toe en vond niets aan dezelve, dan alleen bladeren; en zei tot hem: Uit u wordt geen vrucht in der eeuwigheid. De vijgenboom verdorde terstond. (wordt vervolg)

ds. A.J. Wijnmalen

  • © hersteld hervormde kerk 2026