mannenbond

Welkom

‘Totdat ik in Gods heiligdommen inging.’ Ps. 73:17

Asaf was verward geraakt in de strikken van twijfel. Het stormde van binnen hevig. O, Asaf, het is tevergeefs God te dienen. Kijk eens naar de wereld. Ziet u niet de vrede van de goddelozen? Ze zijn goddeloos maar hebben rust in de wereld en uw bestraffing is er elke morgen. Wat nuttigheid is het de Heere te dienen? Voor zover hij zien kon ging het hen voor de wind. Ze genoten voorspoed vrede en rust. En hij moest door de stormen heen, hij dronk uit den lijdensbeker. Moest het niet andersom zijn? Haperde er dan iets aan het Gods bestuur? Waarom moest Gods volk door allerlei verdrukkingen heen? Als de Heere Zijn volk bemint, waarom dan zulke donkere wegen voor Zijn volk ontrold? Zou er wetenschap zijn bij de Allerhoogste?

Neen… het is ook niet te verenigen! Het is niet mogelijk de voorspoed der goddelozen te hebben en toch straks in te gaan als een kind des Heeren. Het is ook niet mogelijk hier te leven zonder de Vaderlijke kastijdingen.

O, Asaf was bijkans uitgegleden. Bijkans… niet geheel. Daar zorgde de Heere voor. In Gods heiligdom kreeg hij een andere kijk op het leven. De Heere liet hem bij het licht van Zijn Woord het einde der goddelozen zien. Het einde behoort immers ook bij het leven; heel het leven is eigenlijk één grote voorbereiding voor het einde. En daar bleek het, dat de mens alles in het stervensuur moet achterlaten. De koning zijn scepter, de geleerder zijn wetenschap, de gierigaard zijn geld. Asaf beleeft daar ook: ik was een groot beest bij U. Dat dier is onverstandig, ziet alleen maar naar beneden maar de Heere had zijn blik naar boven gericht. De Heere is met hem de weg van de afbraak en de ontdekking gegaan.

In Gods heiligdom leren we zo anders taxeren en waarderen. Daar ervaren we het wonder, dat er voor doemwaardige zondaren plaats is door Zijn Middelaarsbediening.

Wijlen ds. Van Kooten

 

 

 

Toogdag 2019 | 19-10-2019

bekijk alle albums
  • © hersteld hervormde kerk 2020