• " En hetzij dat een lid lijdt,
    zo lijden al de leden mede
    "
    1 Korinthe 12 vers 26

Als diaconie aan de slag met VOG's voor vrijwilligers

Sinds op 1 juni 2026 de Generale Regeling Veilige Kerk in werking trad, moeten hersteld hervormde gemeenten een Verklaring omtrent gedrag aanvragen voor alle vrijwilligers in hun gemeente. Diaconieën hebben daarbij een belangrijke rol. 

Een van de chauffeurs van de kerkauto brengt maandenlang wekelijks een alleenstaande, hoogbejaarde zuster naar de kerk en naar doktersafspraken. Naarmate de tijd vordert, wordt het contact intensiever: hij komt vaker binnen ‘voor een kopje koffie’, bemoeit zich met haar financiën („ik regel die overschrijving wel even voor u”) en oefent bedoeld of onbedoeld steeds meer invloed uit op haar beslissingen – tot en met een wijziging in haar testament.  

Het zal je als diaconie overkomen: je vraagt gemeenteleden om bij toerbeurt oudere gemeenteleden op zondag naar de kerk te vervoeren, maar belandt in een heel ongemakkelijke situatie. Of je organiseert een mantelzorggroep voor hulpbehoevende broeders en zusters maar ontvangt signalen dat een van de vrijwilligers seksueel grensoverschrijdend gedrag vertoont.  
Het kan echter zomaar gebeuren. Om de risico's zo veel mogelijk te beperken, stelde de generale synode in de achterliggende tijd de Generale Regeling Veilige Kerk (GRVK) vast. In uitgebreide protocollen wordt beschreven wat gemeenten moeten doen om de veiligheid te waarborgen. Diaconieën hebben daarbij een belangrijke rol. 

Aan de slag met vrijwilligers 

In de GRVK is vastgelegd dat iedere kerkelijke gemeente drie ‘bevoegde organen’ heeft: de (centrale) kerkenraad, het college van diakenen en het college van kerkvoogden. Zij zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren de GRVK. Specifiek voor de diaconie betekent dit onder meer dat er gesprekken worden gevoerd met vrijwilligers die onder verantwoordelijkheid van de diaconie hun taak uitvoeren. Ook moet een diaconie ervoor zorgen dat nieuwe vrijwilligers een gedragscode ondertekenen. In geval van (vermoedens van) misbruik, moet een bevoegd orgaan, of de ambtsdrager, dit melden bij het meldpunt Misbruik in kerkelijke relaties

Het college van diakenen – voor iedereen bekend als ‘de diaconie’ – is niet voor niets ook een bevoegd orgaan. Diaconieën zijn immers betrokken bij het diaconale vrijwilligerswerk in de gemeente – van de al genoemde kerkauto en mantelzorggroep tot bezoekvrijwilligers en gemeenteleden die anderen helpen bij hun administratie. Dit soort vrijwilligerswerk oogt vaak vrijblijvend en niet zo spannend: gemeenteleden doen het immers vanuit onderlinge betrokkenheid en dienstbetoon. Intussen komen ze wel heel dicht in de persoonlijke levenssfeer van anderen. Omdat het vrijwilligerswerk invloed kan hebben op de veiligheid die in de kerk wordt ervaren, is het belangrijk dat diaconieën een screening en gedragscode voor de vrijwilligers hebben geregeld. Die screening vindt plaats door middel van een gesprek en door de Verklaring omtrent gedrag (VOG) aan te (laten) vragen. De gedragscode die nieuwe vrijwilligers moeten ondertekenen, wordt kant-en-klaar aangeleverd: in de ‘Gedragscode vrijwilligers/jeugdwerk’ staan bepalingen over het bewaken van grenzen, het niet misbruiken van afhankelijkheid, een zorgvuldige omgang met giften en het vermijden van belangenverstrengeling. 

Schone lei 

Uiteraard moeten diakenen zelf ook een VOG hebben. Ze gaan immers om met gevoelige informatie en systemen, diaconale gelden en budgetten. Als dienaren komen ze dicht bij mensen binnen en buiten de gemeente. Het is daarom belangrijk dat een kerkenraad en diaconie weten dat ambtsdragers een schone lei hebben. Dus moet er een VOG worden aangevraagd zodra een mannenbroeder zijn (her)verkiezing aanvaardt.  
Overigens hoeven diakenen geen aparte gedragscode te ondertekenen. Tijdens de bevestigingsdienst beantwoorden ze de vragen uit het formulier met hun ‘Ja, wij’. Daarmee verbinden ze zich volgens de GRVK ook aan de ‘Gedragscode Ambtsdragers’ – met onder meer bepalingen over integriteit, financieel beheer en onafhankelijkheid.  

Deze situatie is nieuw in veel kerkelijke gemeenten. En dus is er werk aan de winkel voor diaconieën. Zij moeten lijsten opstellen van alle vrijwilligers die een VOG nodig hebben en een gedragscode moeten ondertekenen. Ook moeten ze gesprekken voeren met nieuwe diaconale vrijwilligers, en VOG’s aanvragen voor alle relevante vrijwilligers,. Eventueel kunnen ze  of dit laten doen door bijvoorbeeld de kerkvoogdij.  
Eerlijk is eerlijk, een VOG voorkomt niet alle misstanden. De verklaring screent alleen op strafbare feiten waarvoor iemand veroordeeld is. Het is dus – in de woorden van de GRVK – ‘een hulpmiddel dat beperkingen kent’. Maar de GRVK voorkomt wel risico’s doordat hij screenings, gesprekken en gedragscodes vereist en gemeenten verplicht om een vertrouwenspersoon aan te stellen. Immers, voorkomen overtreft genezen. 

De inhoud van deze pagina verscheen als artikel in 'Zicht op de kerk' van 6 augustus 2026. Download dit artikel als brochure.

  • © hersteld hervormde kerk 2026