mannenbond

Welkom

De verdraagzaamheid der hoop

1 Thess. 1:3b  Zonder ophouden gedenkende de verdraagzaamheid der hoop op onze Heere Jezus Christus, voor onze God en Vader.

De verdraagzaamheid der hoop wordt als derde vrucht genoemd. Verdraagzaamheid, eigenlijk staat er: Er onder blijven. Waar moeten we onder blijven? Onder smaad en lijden. De Thessalonicenzen bleven eronder! Zij liepen niet weg. Zij waren niet op een gemakkelijk leventje uit. Dat zoekt het vlees zo gaarne. Nee, de ware hoop blijft op de post, zij lijdt en strijdt voor het geloof, dat eenmaal is gegeven. De hoop gelijkt op haar vader. Zij is de dochter van het geloof en de zuster van de liefde.
De verdraagzaamheid. Veel hebben Gods kinderen te verdragen. Hun leven wordt vergeleken bij een strijd, een worsteling. We hebben de strijdt tegen vlees en bloed, en vooral tegen de geestelijke boosheden in de lucht. In de wereld zult gij verdrukking vinden. Het pad gaat door doornen en distelen. De weg wordt voorgesteld in het Woord. Wie een eigen weg kiest, komt in de hel, gelijk Onkunde bedrogen werd in zijn eigenwillige godsdienst. Hij zei tegen Christen, dat hij evengoed zalig zou worden als hij; de weg behoefde niet moeilijk te zijn.
Verdraagzaamheid. Dulden. Ogen moeten uitgegraven, handen afgehouwen, eigen bestaan verloochend. We moeten ons kruis dragen, de schande verachten, de versmaadheid van Christus dragen. Hem volgen, wandelen op de smalle weg, ingaan door de poort der wedergeboorte op de levensweg.
Ach, de weg kan wel eens zo moeilijk zijn, dat we dreigen te verslappen. Hoe komen we door de poel Mistrouwen? Hoort: Alleen de hoop op Christus. Die hoop was een levende hoop bij de Thessalonicenzen. De hoop op Christus dat wil zeggen: De hoop was op Christus gericht. Die het kruis verdragen en de schande veracht heeft. Op Hem zij het oog gericht, op de overste Leidsman en Voleinder des geloofs.
De verdraagzaamheid der hoop. De hoop vlijt zich neer op het Woord, op de beloften van het evangelie, die ja en amen zijn in Christus Jezus. Daarom zegt de Heere: Mijn oog zal op u zijn, Ik zal u leiden, ik zal raad geven. De hoop op Christus gericht. Hij komt om al Zijn vijanden te verdelgen. We staan vóór, dat is de tegenwoordigheid van onze God en Vader, Die Zijn Zoon tot Rechter heeft verordineerd.

Zo ik niet had geloofd, dat in dit leven
Mijn ziel Gods gunst en hulp genieten zou,
Mijn God, waar was mijn hoop, mijn moed, gebleven?
Ik was vergaan in al mijn smart en rouw.
Wacht op den Heer', godvruchte schaar, houd moed!
Hij is getrouw, de bron van alle goed.

Zo daalt Zijn kracht op u in zwakheid neer.
Wacht dan, ja wacht, verlaat u op den Heer'.

Wijlen ds. J. Catsburg

 

  • © hersteld hervormde kerk 2017

Ontwerp en realisatie: