vrouwenbond

Meer over Regio's

Verslagen bijeenkomsten Midden

 

Verslag van de Regioavond van Regionaal verband van Hersteld Hervormde Vrouwenverenigingen binnen classis Midden, gehouden op woensdag 29 maart 2017 A.D. in de Zuiderkerk te Veenendaal


Na het gezamenlijk zingen van Ps. 85:1 en 4 heet de presidente, mevr. G.G. ter Maaten-van Engelenburg iedereen hartelijk welkom, in het bijzonder ds. M. van Sligtenhorst. Vervolgens leest ze Gal. 1:1-12, waarna ds. Van Sligtenhorst voorgaat in gebed. Na de samenzang van Ps. 32: 1 en 6 krijgt ds. Van Sligtenhorst het woord voor zijn lezing, die de titel draagt “500 jaar Reformatie, wat heeft dat ons te zeggen?” In zijn lezing kwam onder andere het volgende aan de orde:
In Rome staat een kerk met de bijzondere naam 'Sint Paulus buiten de muren'. De naam van deze kerk kan als symbool beschouwd worden van de manier waarop men in de Roomse kerk met bepaalde delen van de Bijbel omgaat: sommige leerstukken zijn 'buiten de muur' gegooid.
Vanaf de vroege kerk zijn er ontwikkelingen zichtbaar, die alles te maken hebben met deze houding van 'buiten de muur-werpen'. Enkele grote lijnen.
In de vijfde eeuw was het bisschop Damasus van Rome, die zich als opvolger van Petrus beschouwde; hij was de eerste die als opperbisschop boven de andere bisschoppen ging staan. Later werd de bisschop van Rome 'paus' genoemd. Dit kan als begin van de Roomse kerk gezien worden.
In die Roomse kerk werd Paulus gaandeweg 'buiten de muur' geworpen. Ook de leer van Petrus werd gaandeweg meer verduisterd, terwijl zijn naam steeds meer werd misbruikt ten dienste van de Roomse kerk.
Het gezag van de paus werd steeds groter, ten koste van het gezag van de Schrift. Naast de 2 sacramenten kwamen er nog 5 bij. De heiligenverering kwam in zwang en Maria kreeg een bijzonder belangrijke plaats toebedeeld: zij kwam tussen de gelovige en Christus in te staan. Allerlei heidense symbolen en rituelen kregen een plaats in de Roomse kerk. Vanaf de negende eeuw ontstonden er biechtlijsten, waarop stond wat men moest doen als boete na een zonde; in de tijd van Luther was dit fenomeen uitgegroeid tot de aflaatverkoop (Tetzel). Het concilie van Trente stelde duidelijk: wie enkel vertrouwt op Christus en niet op de werken, die zij vervloekt. De officiële leer van Rome is op dit punt nooit veranderd; het belangrijke leerpunt van 'enkel Christus' (solus Christus) is buiten de muur gegooid.Dit ´buiten de muur gooien´ van een deel van de Bijbelse leer kwam ook al voor bij de Galaten. Hoewel die gemeente bevoorrecht was, was ze snel verleid (betoverd). Valse leraren waren de gemeente binnengedrongen; zij leerden dat de gerechtigheid en de genade van Christus alleen niet voldoende zijn, maar aangevuld moeten worden. Tegenover die valse leraren benadrukte Paulus zijn roeping en gezag. Met het oog op het behoud van de gemeente zei hij dat die valse leraren vervloekt zijn; de gemeente moest blijven bij wat hen door Paulus geleerd was. Zij mochten een deel van zijn leer niet ´buiten de muur´ gooien.Wij moeten niet denken dat wij sterker in onze schoenen staan dan de mensen in Galatië. Ook wij krijgen te maken met valse leraren, die ons verleiden bepaalde zaken ´buiten de muur´ te gooien. Hoe gaan wij met deze zaken om? Blijven wij bij het Bijbels onderwijs, of laten wij ons meeslepen en laten wij een deel van de Bijbel dicht? Om een voorbeeld te noemen: is Christus' gerechtigheid voor ons voldoende, of gooien we die rijkdom buiten de muur en menen wij dat er toch iets van ons bij moet? Waar zoeken we zekerheid: alleen in Christus, de volmaakte Borg, en Zijn gerechtigheid, of verdwijnt dat buiten de muur en willen we door onze kerkgang en ijver iets bijdragen tgv onze zaligheid? Als we bij onszelf bemerken dat we zaken uit de Bijbel ´buiten de muur gooien´, hebben we zelf een Reformatie in ons eigen leven nodig, opdat we hartstocht krijgen voor de eer van Christus.
Na deze lezing worden 2 liederen gezongen, nl. ‘Vaste Rots van mijn behoud’, en ‘Een vaste Burcht is onze God’. Na de mededelingen van de presidente is er pauze.
Als de pauze afgelopen is, zingen we het lied ‘Leer mij Uw weg’. Hierna wordt de presentielijst voorgelezen, en is er samenzang van Ps. 89:7 en 8. De ingediende vragen worden beantwoord door ds. Van Sligtenhorst. Nadat we Ps. 51: 8 en 9 gezongen hebben, sluit mevr. Ter Maaten de bijeenkomst. Ds. Van Sligtenhorst eindigt met dankgebed en wenst iedereen ‘wel thuis’.
De collecte van deze avond, die (na aftrek van de onkosten) bestemd is voor het vakantiewerk voor gehandicapten, heeft  € 273,05 opgebracht.

M.A. Buitink-Heijblom, secretaresse

 

 

Verslag van de Regioavond van Regionaal verband Midden/Oost, gehouden op dinsdag 12 april 2016 A.D. in de Brugkerk te Veenendaal

 

Na het gezamenlijk zingen van Ps. 119:3 heet de presidente, mevr. G.G. ter Maaten-van Engelenburg iedereen hartelijk welkom, in het bijzonder ook de gasten, de kerktelefoonluisteraars en ds. H. van der Ziel. Hierna leest ze Joh. 16: 5-15, en vervolgens gaat ds. Van der Ziel voor in gebed. We zingen Ps. 51: 2 en 6 waarna ds. Van der Ziel het woord krijgt voor zijn referaat, getiteld “Hoe werkt de Heilige Geest in het hart van een zondaar”. Wat betreft de werkzaamheden van de Heilige Geest maakt hij een onderverdeling in 3 punten, nl. 1. De Heilige Geest overtuigt van zonde, 2. De Heilige Geest eigent toe, 3. De Heilige Geest verheerlijkt Christus. De Heilige Geest wordt in Joh. 16:7 ‘Trooster’ genoemd; dit woord kan ook vertaald worden door ‘de erbij geroepene, de zaakwaarnemer (advocaat)’. De Heilige Geest overtuigt met feiten; Zijn overtuigingskracht is niet te weerleggen. Hij klaagt de zondaar aan en geeft innerlijk een bewijs van de zonden. Tegenargumenten van de zondaar worden ontmaskerd. De zondaar komt er hoe langer hoe meer achter dat zijn zondige daden voortkomen uit zijn zondige bron. Dit overtuigende werk van de Heilige Geest vindt o.a. plaats in de prediking, als iemand persoonlijk aangesproken wordt dat hij/zij zondaar is. De Heilige Geest overtuigt de wereld van ongeloof. Ongeloof lijkt onschuldig, maar het is de grootste zonde, want wie in ongeloof leeft, verwerpt het evangelie. Wat betreft het toe-eigenende werk, als de Heilige Geest in het hart van een zondaar komt, gaat die zondaar dingen anders zien. Er komt oog voor de zwakheid van zichzelf, de zwartheid van de zonde, maar ook voor de bereidwilligheid van Christus. De Geest eigent toe wat we in Christus hebben (doopbelofte); zo bewerkt Hij de overgave aan Christus. Vervolgens gaat de Heilige Geest Christus verheerlijken (Joh. 16:14). Dit werk van de Geest is beter te ervaren dan te beschrijven en begrijpen. De Heilige Geest laat zien dat het Woord vol is van Christus; daarnaast verheerlijkt Hij Christus in het hart van zondaren. Door het werk van de Heilige Geest leert een zondaar te leven in en teren op Christus. Christus wordt bovenal verheerlijkt als zondaren Hem op Zijn Woord vertrouwen.
Na dit leerzame referaat worden 2 liederen gezongen, nl. ‘Wat God doet, dat is welgedaan’ en ‘de Heer’ is mijn Herder’. Tijdens het zingen wordt er een collecte gehouden die (na aftrek van de onkosten) bestemd is voor het project van de HHV, nl. ‘Godsdienstonderwijs Stichting Adullam gehandicaptenzorg’. De presidente heeft nog enkele mededelingen en dan is het tijd voor de pauze.
Na de pauze zingen we ‘Jezus, Die mijn ziel bemint’ en ‘Neem mijn leven, laat het Heer’. Vervolgens wordt de presentielijst voorgelezen, waarna Psalm 43:3 wordt gezongen. Dan krijgt ds. Van der Ziel het woord om de ingediende vragen te beantwoorden. Nadat we Ps. 104:15 gezongen hebben sluit mevr. Ter Maaten de bijeenkomst. Ze spreekt een dankwoord uit, en geeft door dat de collecte het mooie bedrag heeft opgeleverd van € 364,42. Ds. Van der Ziel eindigt met dankgebed en wenst iedereen ‘wel thuis’.

M.A. Buitink-Heijblom, secretaresse

  • © hersteld hervormde kerk 2017

Ontwerp en realisatie: