Perforeren, de regels bij een uitzonderingsbepaling

15 november 2017

Wat is perforatie? De termen ‘perforatie’ en ‘perforatieregeling’ worden zowel in de oude als de nieuwe tekst van de hervormde kerkorde niet gebruikt.

De in tweede lezing op 3 maart 2012 door de generale synode vastgestelde tekst van ordinantie 2.1 kent wel een aanhangsel, dat heet: generaal pardon ten aanzien van de perforatieregeling (uit 2006). Daar wordt de term dus wel gebruikt. Het gaat om de perforatie van de gemeentegrenzen.

Perforeren is doorlaatbaar maken, gaatjes aanbrengen. De gemeentegrenzen waren namelijk in de Nederlandse Hervormde Kerk altijd gesloten. Men behoorde automatisch tot de gemeente op wier grondgebied men woonachtig was. Uiteraard kon men wel altijd kerken waar men wilde, maar men kon nergens anders lid worden. Echter, de toenemende pluraliteit in de Nederlandse Hervormde kerk (pluraliteit niet in het beginsel, want die is er tot 2004 niet geweest, maar wel in de praktijk) gaf steeds meer spanningen. Ook de toenemende mondigheid van mensen in het algemeen en dus ook van de kerkleden speelde een rol.

Men heeft getracht die problemen het hoofd te bieden door het mogelijk te maken om buitengewone wijkgemeenten te vormen en later ook deelgemeenten (de laatste heetten aanvankelijk buitengewone wijkgemeenten in wording). In 1991 is daar de mogelijkheid bijgekomen om als volwaardig lid ingeschreven te worden in een andere gemeente dan die van de woonplaats, de perforatieregeling dus. Al deze maatregelen waren in feite een toegeven aan de modaliteitenkerk. Zij zijn door de orthodoxe richtingen in de Nederlandse Hervormde Kerk vaak met veel pijn verdragen, maar in een aantal gevallen ook wel eens dankbaar gebruikt. In feite hebben ze van de Nederlandse Hervormde Kerk ook plaatselijk meer en meer een hotelkerk en keuzekerk gemaakt. De perforatieregeling heeft het vanouds geldende territoriale beginsel (dat is: men behoort bij de gemeente waar men woont) sterk ingedeukt. In de in 2004 nieuw gevormde Protestantse Kerk in Nederland (PKN) gaat dit proces ook nu nog verder. Men is daar meer en meer op weg naar de mentale gemeente (de gemeente waar men zich thuis voelt) met weglating van het territoriale principe. Dat valt ook wel te begrijpen als men in de Statistische Jaarbrief 2017 van de PKN leest, dat meer dan 14 procent van de kerkleden reeds geperforeerd is naar een andere gemeente dan waar men woonachtig is. Dat percentage stijgt ook van jaar tot jaar. Als men bedenkt dat een groot deel van de geregistreerde leden niet actief meelevend is en daarom de behoefte om te perforeren niet zal hebben, dan is het percentage van meelevende leden dat geperforeerd is nog beduidend groter dan genoemd. Een buitengewoon zorgelijke ontwikkeling, die ook afwijkt van het gereformeerde kerkbeginsel, dat altijd heeft gegolden.

Hoe is de regeling in de HHK? 
Ook in onze kerk is echter enigszins van een dergelijke zorgelijke ontwik­keling sprake. Mondigheid en indivi­dualisme gaan ook ons niet voorbij. Hersteld hervormde kerkleden blijken ook helemaal mensen van deze tijd te zijn. De zorg daarover is de voor­naamste reden tot dit artikel. De re­geling aangaande de perforatie van gemeentegrenzen die in 1991 in de Hervormde kerkorde is ingevoerd, is in gewijzigde vorm overgenomen in de Hersteld Hervormde kerkorde. Het elders lid worden was in 2004 ook in onze gemeenten al dermate praktijk dat dit niet meer ongedaan te ma­ken viel. Door de kerkscheuring en de voortzetting van gemeenten met een vaak groter grondgebied dan voorheen, werd het kiezen voor een kerk in de omgeving nog versterkt. De classes stelden weliswaar al in 2004 de gemeentegrenzen vast, maar heel wat kerkleden hadden toen hun ei­gen voorkeurgemeente al gekozen. Dit leidde ertoe, dat de synode van de HHK op 28 januari 2006 een Generaal Pardon uitvaardigde, dat inhield dat allen die per genoemde datum reeds aansluiting en registratie hadden ge­vonden bij een andere gemeente bin­nen dezelfde classis, geacht werden dispensatie verkregen te hebben om bij hun voorkeurgemeente te mogen behoren. Dat gold ook als een kerklid aansluiting had gevonden bij een gemeente in een andere classis, mits deze grenst aan de woongemeente. Daarmee werd de feitelijke situatie van dat moment gelegaliseerd.

Wat nu te doen met die kerkleden die pas na genoemde datum de wens om zich bij een voorkeurgemeente aan te sluiten officieel kenbaar ma­ken? Zij moeten zich houden aan het in ordinantie 2 artikel 1 voorgeschre­ven traject. De deur naar een andere gemeente dan de woongemeente is niet geheel dicht, maar is wel aan dui­delijke voorwaarden gebonden. Het kan en mag niet de bedoeling zijn dat op iedere willekeurige grond zomaar toestemming tot perforatie wordt ge­geven. Perforatie is geen recht, maar een mogelijkheid waarvan, indien echt nodig, gebruik kan worden gemaakt. De kerk is immers geen supermarkt waar naar eigen believen het gewens­te merk van hetzelfde product geko­zen kan worden. Zo was de regeling in 1991 bedoeld en zo is het nog.

Hoe is de procedure?
Men vraagt perforatie alleen aan in­dien bijzondere overwegingen van pastorale aard daar aanleiding voor geven. Wat daaronder verstaan moet worden is moeilijk om precies te om­schrijven, maar duidelijk is wel dat het echt ergens om moet gaan. Het mag dus niet afhangen van een bepaalde dominee die ergens staat (die gaat wellicht over enige tijd wel weer weg) en ook niet van zaken als de grootte van een gemeente, enig verschil in de toonzetting van de prediking, het zich ergens iets beter thuis voelen, een iets geringere afstand tot het kerkgebouw of het feit dat je er vandaan komt en al je familie tot die gemeente behoort. De classis heeft de gemeentegrenzen bepaald en die moet men in beginsel respecteren. Blijkt dat in een bepaalde plaats voor een groter aantal kerkgan­gers bezwaarlijk te zijn dan kan aan de classis om wijziging van de gemeente­grenzen worden gevraagd. De classis zal dat verzoek dan beoordelen na overleg met de betrokken gemeenten. Vaak is er dan wel de moeilijkheid dat men voor de een het probleem oplost, maar het voor de ander juist schept. Samengevat: er moet een dringende reden zijn. Dat moeten niet alleen de aanvragers, maar ook de kerkenraden en de classes heel goed beseffen. Men kan noch zomaar toestemming vra­gen noch verlenen.

Indien er na ernstig overleg een naar ei­gen besef geldige reden is om perfora­tie aan te vragen, dient men een schrif­telijk en gemotiveerd (met redenen omkleed) verzoek in bij de gemeente van voorkeur, die wel aangrenzend moet zijn aan de eigen gemeente. Let op: Indien de gemeente van voorkeur niet geografisch aangrenzend is, dan moet altijd dispensatie worden ge­vraagd bij het breed moderamen van de classicale vergadering. Die beslist dan over het al dan niet doorgaan van de perforatie. Het is sterk de vraag of dit altijd gebeurt.

ds. J.L. Schreuders

Dit eerste deel van het artikel over perforeren is verschenen in het landelijke kerkblad van de Hersteld Hervormde Kerk dd. 09-11--2017. Het tweede deel van dit artikel zal op D.V. 23-11-2017 worden gepubliceerd en eveneens op de website verschijnen.

Ter ondersteuning:
Mocht u vragen hebben over de perforatieregeling dan kunt u via het kerkelijk bureau contact opnemen met de commissie kerkorde (ciekerkorde@hhk.nl / 0318-505541).

Ordinantie 2 over onder andere de perforatieregeling is te vinden op de website van de kerk: http://www.hersteldhervormdekerk.nl/hhk/kerkorde/ordinanties.
Er is een handleiding beschikbaar over de procedure van de perforatieregeling. Ook die is te vinden op de website van de kerk: http://www.hersteldhervormdekerk.nl/hhk/kerkorde/modellen-en-handleidingen/handleidingen

  • © hersteld hervormde kerk 2018

Ontwerp en realisatie:

Heeft u vragen over het geloof?

Open Sluit